Kruiden en specerijen

Wat is de smaak van het kruid en in welke gerechten te gebruiken?
 
  • Basilicum — is kruidig en zoet van smaak en heeft een pittige geur. Alleen het blad wordt gebruikt. Het beste is fijnstampen met olie of met de vingers verscheuren en dan fijnhakken. 
    Past goed in de gerechten met lamsvlees, kalfsvlees of kip, in salades én in tomaten-, groente- of kippensoep.

  • Bieslook — heeft een verfijnde uiensmaak. 
    Het pijpje kan fijngesneden worden en in salades, ragouts, kruidenboter, sauzen en dressings gebruikt worden.
  Afbeelding invoegen     
  
Afbeelding invoegen  
  • Dille — heeft een anijsachtige smaak. 
    Wordt gebruikt in soepen en sauzen, maar smaakt ook lekker bij zalm en andere vis.

  • Dragon — heeft een bittere smaak. Is vooral bekend uit klassieke sauzen (bearnaise). De blaadjes én bloemen zijn eetbaar.
    Wordt vaak gebruikt in vinaigrettes en mosterd.

  • Foelie — heeft een vrij zachte smaak. 
    Wordt vooral gebruikt in soepen en bij het stoven van runderlappen.

  • Gember — heeft een scherpe smaak. Gedroogde gember is sterker van smaak dan verse gember.
    Wordt veel gebruikt in de Indonesische keuken. In Nederland zit het vooral in speculaas, koek en gebak.
   
  • Kurkuma — is mild bitter van smaak. 
    Wordt het meest gebruikt in currygerechten.

  • Kardemon — smaakt naar citroen en kamfer. 
    Wordt gebruikt in gebak, toetjes en curry ’s.

  • Kruidnagel — heeft een zeer overheersende smaak. Haal ze uit je gerecht voordat je begint met eten.
    Hoort vooral thuis in stoofgerechten, zoals runderlappen en wildgerechten. Traditioneel zitten ze ook in rode kool.

  Afbeelding invoegen     

 
  • Laurier — heeft een aromatisch, licht bittere smaak. Het blad kan niet gegeten worden, dus dient uit het gerecht verwijderd te worden voordat je gaat eten. 
    Wordt veel gebruikt in stoofpotten en soepen. 

  • Majoraan — smaakt fris, zoetig en kruidig. 
    Kan goed in salades, soepen, sauzen, vlees, ragout, aardappel- en tomatengerechten.

  • Munt — heeft een frisse pepermuntsmaak. Het kan zowel vers of gedroogd gebruikt worden. 
    Is fris in yoghurt, er kan prachtig mee gegarneerd worden, is heerlijk in groentegerechten (zoals courgettes, doperwten en tomaten). Lamsvlees gaat ook goed samen met munt.
Afbeelding invoegen
 
  • Nootmuskaat — heeft een scherpe smaak dus niet teveel gebruiken.
    Voor traditioneel gebruik bij gekookte sperziebonen, bloemkool, spruitjes, spinazie of asperges. Het wordt ook op aardappelpuree en kaassaus gestrooid.

  • Peper — heeft een zeer scherpe smaak. 
    Kan vrijwel in elk gerecht verwerkt worden. Het versterkt de smaak van bijvoorbeeld vlees en geeft een pittige smaak aan soep en puree. 

  • Peterselie — smaakt fris en hartig. Peterselie voeg je vlak voordat je het gerecht opdient pas toe (dus niet meekoken). Het verliest anders de frisheid van zijn smaak.
    Bladpeterselie kan ook in salades gebruikt worden.
  • Rozemarijn — heeft een aromatische geur. 
    Rozemarijn is bijna onmisbaar bij lamsvlees in combinatie met knoflook. 
    Ook lekker in pastasauzen en in salades, maar niet te veel. 

  • Salie — smaakt aromatisch en pittig. 
    Past bij alle varkensvlees- en gansgerechten. 
    De bloemen van de salie kun je in een salade
     versnipperen.

  • Selderij — is te vergelijken met peterselie maar heeft een sterkere smaak. 
    Is lekker bij wortelen, prei, bloemkool, sperziebonen, vis, gehakt, varkensvlees, bami en nasi.  

  • Tijm — heeft een zeer aromatische geur. 
    De zoetige sterke aroma is zeer geschikt voor het kruiden van groente, vis, vlees en sauzen.